De energietransitie heeft tot doel om niet-hernieuwbare, fossiele brandstoffen zoals kolen, olie en gas te vervangen door duurzame energiebronnen. Denk daarbij aan zon, wind en aardwarmte. Deze bronnen raken nooit op, veroorzaken geen luchtvervuiling en hebben zelf geen CO2-uitstoot.

Een belangrijk doel bij de energietransitie is vermindering van de CO2-uitstoot, om verdere opwarming van de aarde en de gevolgen daarvan zo veel mogelijk te voorkomen. Dit is in Parijs (2015) overeengekomen om de klimaatdoelen te realiseren. Nederland wil de uitstoot van CO2 in 2030 beperken met 49% ten opzichte van de uitstoot in 1990. De EUEuropese unie-doelstellingen voor 2030 zijn een vermindering van de CO2-uitstoot met ten minste 40%.

De energietransitie is een van de manieren om de CO2-uitstoot te verminderen en de klimaatverandering af te remmen.

Wat goed is voor het klimaat, is niet altijd goed voor de economie of voor de huishoudportemonnee op korte termijn. Het brengt soms hogere kosten met zich mee. Zo zijn verbrandingsmotoren op dit moment goedkoper dan elektrische. Verder zullen ook investeringen in de capaciteit van het elektriciteitsnet moeten worden gedaan.